Uit mijn raam zie ik een vrouwtjesmerel de bessen uit onze jonge lijsterbes eten. Aan de dunne takken hangen hele trossen. De meest bereikbare heeft ze al gegeten en steeds verder waagt ze zich naar de wankele uiteinden. ‘Wat knap’, denk ik.

Mijn leven is stilgezet door de hersenschudding, die ik vijf maanden geleden opliep. Het doet me denken aan de coronatijd, die jullie je vast ook herinneren. Geen gereis, ik kan net fietsen naar mijn werk in Utrecht of 2 haltes met de trein. Op vakantie naar een natuurhuisje op een afstand van anderhalf uur reizen. Deze zomer was dat een prima optie. Anders dan toen ben ik beperkt in mijn informatieopname, dus veel minder lezen, muziek luisteren, socials, televisiekijken, intensieve gesprekken en nadenken, al die dingen die ik normaal gesproken de hele dag door doe. Ik ontdek dat in de natuur bezigzijn me goeddoet. Ik geniet enorm van mijn tuingroep waar meer mensen aan het re-integreren zijn. Ik lunch nu zonder krant maar kijkend naar de tuin. Ik schilder weer eens, in het verlengde van al het kijken naar de natuur. Ik geniet van zwemmen in de plassen hier dichtbij, waar ik voorheen zelden kwam. En ik ben sowieso blij dat er hier water is in vergelijking met de zandgronden waar we in de vakantie waren.

Ik hoor de berichten over de watertekorten en bosbranden in Europa en alle aanpassingen die ook ons waterige land nodig zal hebben om genoeg drinkwater te hebben en niet overstroomd te worden door de zee. Ik hoor van steenerosie en een halve gletsjer die afbreekt. En ik verbaas me dat de politiek zich vervolgens vooral buigt over maatregelen die klimaatadaptatie beogen. Rechtszaken blijven nodig, en de klimaatmars ook. Ik doe dit jaar in gedachten mee. Van een bevriende milieukundige leer ik dat burgers het grootste aandeel in de verduurzaming leveren. En er is ook de natuur die zich telkens weer herstelt, zoals het gras dat alweer groen is. De aarde zorgt nog altijd voor de mensheid, als wij maar stoppen haar te verminken.

Ik loop intussen elke avond mijn rondje om mijn hoofd leeg te maken. Met een cliënt had ik het erover hoe je de drempel overkomt, want ze voelt zich zo eenzaam alleen aan de wandel. Ik vertelde dat ik vaste plekjes heb waar ik kijk en bankjes waar ik even ga zitten. Eigenlijk, realiseerde ik me na dit gesprek, is dat bij mij veranderd doordat ik me de laatste jaren verbonden voel met alle leven of de natuur, zelfs in dit dorp dichtbij de stad. Ik volg de toppen van de bomen die vaak bewegen op de wind, ik geniet van de wolkenluchten. Ik zie dat als ik op het bruggetje sta de zwanen zich rechts klaarmaken voor de nacht en links de waterhoentjes. Ik weet dat mijn probleem tijdelijk is en ik geniet van elke stap van mijn herstel. Ik heb geen financiële zorgen, ik ben blij met mijn familie en vrienden. Toch doe ik ten diepste deze ontdekking: leven kan veel eenvoudiger zijn dan ik dacht. Ik leef meer ‘real life’ dan ooit. Als de klok slaat besef ik: ‘Zo hebben de dorpsbewoners hier eeuwenlang geleefd, gewoon op je eigen plek in verbinding met de planten en bomen de dieren en de mensen om je heen’. Gods Schepper geest bezielt alles wat leeft en ons allen. En bovendien is dit leven lekker duurzaam😉

 

Kom Schepper, Geest Jij,

die mensen aanraakt

en winterkou verdrijft.

Wij loven je om

rivieren die stromen

een zalm die opspringt,

wij loven je om

adem die je brengt.

(Kom Schepper  Geest, vers 3)